Niet alleen het milieu, de dieren maar ook de boeren kreunen onder de onduurzame landbouwpraktijken.
De markt stimuleert boeren om hun productievolume steeds te verhogen, voor steeds lagere prijzen. Veehouders staan vaak in zwakke onderhandelingsposities, waarbij ze weinig tot geen zeggenschap hebben over de prijs van hun wol.

De meeste wol vandaag is afkomstig uit massaproductie van boerderijen in Australië, China, de Verenigde Staten, Nieuw-Zeeland en Argentinië. Dichter bij huis, in Europa, wordt 75% van alle wol in het Verenigd Koninkrijk geproduceerd op kleinschalige boerderijen. Krijgen wol boeren een eerlijke prijs voor hun wol? COSH! ging op onderzoek uit en interviewde verschillende boeren in binnen- en buitenland. Onze bevindingen en de getuigenissen van boeren ontdek je hieronder.

Werken Europese boeren in betere omstandigheden?

British Wool Council geeft boeren een vaste prijs

Alle wol in het Verenigd Koninkrijk wordt ingezameld via de British Wool Council (BWC) waarna het verder doorverkocht wordt aan spinnerijen. De BWC is de enigste organisatie ter wereld die wol inzamelt en doorverkoopt. De organisatie werkt zonder winstoogmerk en betaalt de boeren de marktprijs voor hun wol met aftrek van de eigen kosten van de BWC. We merken dat het jaarlijkse inkomen van BWC bijzonder hoog is, in 2019 telt de BWC 28 miljoen euro aan opbrengsten. Vergelijkbaar de opbrengsten van Starbucks en Tesla. Opbrengsten wilt natuurlijk niet zeggen dat het bedrijf ook effectief zoveel winst maakt, maar we vermoeden dat de lonen bij de topmedewerkers bij BWC aan de bijzonder hoge kant liggen.

Het omgekeerde is geldig voor de boeren. Boeren krijgen van de British Wool Council een vaste prijs voor hun wol die niet meer onderhandelbaar is. De prijs is afhankelijk van de huidige markt, en dus van de grote hoeveelheden wol uit Australië, China, de Verenigde Staten en Nieuw-Zeeland.
Afhankelijk van de hoeveelheid industriële wol die beschikbaar is, krijgen we een aanvaardbare of een veel te lage prijs voor onze wol’ zo vertelde de schapenboer uit Macclesfield tegen Niki de Schryver tijdens haar studiereis in 2018.

Te lage prijs voor wol

Tijdens haar roadtrip langs verschillende schapenboeren zag Niki de Schryver hoe het systeem werkt; elk jaar gaat de British Wool Council langs bij de verschillende boerderijen in de UK om de schapen te scheren. De boeren betalen de schapenscheerders per uur, de dag zelf, en alle wol vertrekt onmiddellijk per vrachtwagen naar de grote wol opslagplaatsen. Hierna wordt de wol door de BWC verder doorverkocht aan spinnerijen. ‘Pas enkele dagen of weken later krijgen we te horen hoeveel kg wol onze schapen hebben opgebracht. Over de prijs is dan niet meer te onderhandelen.’ zo vertelde de vrouw van de schapenboer. De lokale boeren hebben dus geen enkele impact op hun inkomen, en zullen genoegen moeten nemen met de prijs die ze uitbetaald krijgen. Dit is verre van eerlijke handel lijkt ons, bij COSH!.

Alle boeren ervaren ook financiële stress door de klimaatsverandering. Zo heeft de ernstige droogte in Australië de voorbije jaren een negatieve impact gehad op de prijs van wol en dus op het inkomen van de wolboeren.

Ook corona gooide roet in het eten. De prijzen voor wol zijn sinds januari 2020 al met 40% gedaald. Dit omdat de vraag naar wol op wereldniveau is gedaald, waardoor er een teveel aan wol is ontstaan.
Recent lazen we een facebook getuigenis van een Ierse schapenboer Bernard King, hij vertelde hoe zijn boerderij heeft geleden onder de covid-19 marktcrisis. In juli kreeg hij slechts 0,05 euro per kg biologische wol van goede kwaliteit. In totaal bracht hij 355 kg wol binnen, waarvoor hij slechts 17,75 euro in totaal kreeg. Een schandalig lage prijs voor een kwaliteitsvol product, waar veel werk en liefde achter schuilt.

Geen onderscheid tussen biologische en niet-biologische wol

Hoe kunnen kledingmerken biologische wol aankopen? Met die vraag deden Niki de Schryver en haar toenmalige collega Elisabeth in 2010 onderzoek in het Verenigd Koninkrijk voor kledingmerk HonestyBy waar ze toen beiden actief waren.

Na vele telefoontjes met de Engelse en Schotse boeren kwamen ze steeds tot dezelfde conclusie. ‘De British Wool Council verzamelt de wol van alle boeren, ongeacht of ze biologisch is of niet, en alle wol belandt samen op dezelfde hoop’. Het is vandaag daarom bijzonder moeilijk om biologisch wol uit de UK te onderscheiden van niet-biologische wol. Dit is bijzonder jammer want biologische boeren houden meer rekening met het dierenwelzijn en hebben een hogere productiekost, waarvoor ze ook eerlijk vergoed moeten worden.

Druk van de British Wool Council

The British Wool Council legt een enorme druk op de boeren en houdt een oneerlijke prijszetting in stand.
Alle boeren met meer dan 4 schapen zijn verplicht zich te registreren bij de British Wool Council, die hen een vaste prijs zal geven voor de wol. Enkel sommige zeldzame wolsoorten waaronder Britse merinoschapen, lincoln longwool en castle milk moeten niet langs de British Wool Council passeren.

Dit systeem van de BWC is ontstaan na WWII toen boeren hun producten probeerden te verkopen op de vrije markt, wat toen gezien werd als chaotisch en discriminerend. Maar het systeem is vandaag volledig scheefgetrokken. Boeren krijgen een veel te lage prijs voor hun wol, wat leidt tot armoede en oneerlijke handel.

Bovendien mogen boeren mogen maximaal 3.000 kg van hun eigen wol voor artisanale doeleinden (waaronder kleding) gebruiken en 15.000 kg voor niet-kleding gebruik zoals isolatie. Dat boeren slechts 3000 kg voor artisanale producten mogen gebruiken verontrust ons: hoe bepaalt de BWC het gebruik van artisanale wol? Als een kledingmerk diervriendelijke artisanale wol wil inkopen rechtstreeks bij de boer is het zo goed als onmogelijk om dit in grote oplages te doen, aangezien de BWC hier limieten oplegt.

Steeds minder kleinschalige boerderijen

Omwille van de moeilijke werkomstandigheden, zijn veel boeren in de UK inmiddels gestopt. Tussen 1995 en 2015 is het aantal schapenboeren gehalveerd van 91,000 naar 46.000. Ook het aantal schapen daalde over de jaren met 40%: in 1990 waren er nog 65 miljoen schapen voor wol productie, in 2012 bleven er nog maar 40 miljoen schapen over. Omwille van de lage prijs en hoge werkdruk zullen de Europese boeren en schapen blijven dalen. Dit is jammer, want er schuilt ook enorm veel kennis, ambacht en toekomstig potentieel in kleinschalige boerderijen.

Belgische wol uit lokale veeteelt

Bij wolproductie denk je niet onmiddellijk aan België. Schapen worden hier vooral ingezet om weilanden te laten begrazen of gebruikt voor hun vlees. Jaarlijks worden er in België zo’n 120.000 schapen geslacht. In een circulaire economie zou het goed zijn om het wol van deze schapen niet verloren te laten gaan. De schapen in België hebben minder fijne wol dan in de UK of Australië, waardoor ze niet ideaal is voor in kledij maar wel perfect voor dekbedden of tapijten.


Wolboeren in België

Bij een rondvraag naar Belgische schapenboeren leerden we Ingrid van den Driesche uit Assebroek kennen. Zij kreeg in 2019 een eerlijke prijs voor haar schapenwol van het bedrijf BDC Wool in Wallonië. De wol werd vervolgens gebruikt om matrassen mee te maken. ‘Hoe beter de wol gesorteerd is, hoe beter de prijs’ legt Ingrid uit. In 2020 was er echter geen inzameling meer door het bedrijf, waardoor de wol naar de wolhandelaar Bucquoye in Pollinkhove ging. Hij is één van de enige wolhandelaren, waardoor hij dus ook de prijs kan bepalen. Net zoals in de UK hebben de wolboeren dus ook in België weinig invloed op de prijs van hun wol. Na een rondvraag op Facebook merken we dat veel Belgische schapenboeren moeite hebben om hun schapenwol kwijt te geraken. Om extra bij te verdienen maakt Ingrid nu ook haar eigen producten uit wol, die ze verkoopt in verschillende winkels in Wallonië en een babywinkel in Antwerpen.

Om de lokale economie te stimuleren startte Kemp vzw recent met de verkoop van kussens en dekbedden uit lokale wol. Onder het merk MolWol kan je beddengoed kopen, gemaakt uit wol van Kempische heideschapen. Voor de productie werkt MolWol samen met maatwerkbedrijf Lidwina waardoor ze ook sociale tewerkstelling aanbieden. Kortom een perfect voorbeeld van een lokaal, sociaal en eerlijk product uit de Kempen!

Welke prijs krijgt Belgische wol?

De wolprijzen liggen abnormaal laag omwille van de druk van de internationale markt. In 2019 konden boeren de Belgische tapijtwol verkopen voor 0,40 euro/kg. Eind 2020 waren de prijzen al gezakt tot 0,15 euro/kg. Een schandalig lage prijs voor een kwaliteitsvol product. Als we teruggaan in de geschiedenis zien we dat Belgische wolboeren in de jaren 80 voor hun tapijtwol 2 euro/kg kregen. Belgische boeren krijgen nu slechts 10% van die prijs.

Die prijsdaling is voelbaar bij de Belgische wolboeren. Ingrid van den Driesche vertelt dat de prijs voor haar wol in 2020 een stuk lager dan het jaar voordien.

Burn-outs bij Vlaamse boeren

Uit een recente studie van het Instituut voor Landbouw en Visserij blijkt dat de boeren Vlaanderen veel mentale stress ondervinden van de wisselende prijzen van de producten en hun zwakke onderhandelingspositie. Daarnaast dragen ook de slechte weerstomstandigheden, ziektes en plagen, en het onzeker toekomstperspectief bij aan het verhoogde stressniveau.

Wat kan jij doen?

Wereldwijd gaan alle boeren ondanks hun liefde voor het vak gebukt onder het zware werk en hun laag loon. Dit systeem moet anders!Je kan boeren mee ondersteunen door enkel kledij van biologische wol aan te kopen en voor duurzame merken te kiezen.