Er zijn tegenwoordig heel wat alternatieven te vinden voor de vervuilende en chemische verfmethodes in de modeindustrie. Zo is verven met planten terug van weggeweest en zijn er innovatieve alternatieven op de markt om stoffen te verven met bijvoorbeeld CO2 of bacteriën.

Gewend aan het effect van chemische verfstoffen

Duurzame verfmethodes worden nu vaak nog op kleinere schaal toegepast maar ze zouden ook op grote schaal ingezet kunnen worden. Al is het natuurlijk moeilijk om het vaste, snelle en goedkope kleurproces van de vervuilende modeindustrie te veranderen. Wil je meer lezen over de gevolgen schadelijke verfstoffen? Klik dan hier om onze vorige blogpost te lezen.

Mensen zijn gewend aan de constante kleuren die we tegenkomen in alle winkels, denk aan navyblauw, klassiek rood, bladgroen en Hollands oranje. Met plantaardige verfmethodes wordt het kleurenpalet niet per se minder breed maar felle kleuren maken is een stuk moeilijker en kleuren vervagen met de tijd.

Alternatieven voor natuurlijke en synthetische stoffen

Natuurlijke verf is alleen effectief op natuurlijke textielvezels omdat elke type vezel een ander soort structuur heeft en daardoor beter of minder hecht aan bepaalde kleurstoffen. Je kunt daarom perfect een blauwe katoenen jeans verven met plantaardige indigo of een linnen blouse verven met verf van avocadopitten of uienschillen. Plantaardige verfstoffen hechten ook goed aan dierlijke vezels zoals zijde en wol.

Een andere mogelijkheid om natuurlijke maar ook synthetische vezels op een natuurlijke manier te verven is met bacteriën of schimmels, letterlijk levende kleuren! Kleurpigmenten kunnen worden onttrokken via biologisch afbreekbare en mensvriendelijke bacteriën. Bacteriën zetten voedingsstoffen om in pigmenten en kunnen zo worden ingezet om te verven en groeien op kleding, op die manier ontstaan er ook verschillende patronen. Laura Luchtman en Ilfa Siebenhaar deden onderzoek naar de mogelijkheden met bacteriën in hun onderzoek Living Colour en ontwierpen een met bacteriën geverfde collectie voor Puma.

Een zelfde soort proces is toepasbaar op schimmels, Ilse Kremer onderzocht de mogelijkheden van verven met schimmels in haar afstudeerproject Fabulous Funghi. Samen met Westerdijk Fungal Biodiversity Institute ontwikkelde ze een verfmethode, het gaat als volgt: eerst worden de schimmels gekweekt en wanneer het kleurpigment duidelijk zichtbaar is worden de schimmels opgelost met een bepaald middeltje, hierbij sterft de schimmel en blijft enkel het pigment over waar je vervolgens textiel mee kunt verven. Verven met bacteriën en schimmels is een natuurvriendelijke manier om kleding te kleuren, bij COSH! denken we dat hier veel potentie in zit voor de toekomst!

Natuurlijke verfstoffen werken dus niet bij synthetische stoffen zoals polyester en nylon (polyamide). Daarvoor zijn andere innovaties ontwikkeld om te kunnen verven zonder kleurstoffen te laten ontsnappen naar de natuur. Zo kunnen vezels al in een vroeg stadium worden geverfd, zoals bij We aRe SpinDye® waar kleurpigmenten en gerecycled polyester worden samengesmolten en Dyecoo waarbij synthetische vezels geverfd worden met CO2 technieken. Andere oplossingen zijn om het verfbad steeds her te gebruiken of het pigment bijvoorbeeld direct op de vezels aanbrengen zodat er geen verfresten overblijven. Ook zijn er technieken om kleding te sorteren op kleur en ze dan te recyclen. Op die manier hoeven de vezels niet opnieuw te worden geverfd, deze techniek past het merk Loop a Life toe voor haar kleding en ook Reblend werkt op deze manier, meer daarover lees je verderop in het artikel.

“Er is veel mogelijk omdat we kleding met de hand verven en maken"

Lotje Terra geeft leiding over het BORO*ATELIER, ze zette het atelier zo'n vijf jaar geleden op samen met Celia Geraedts.

Het BORO*ATELIER is een natuurlijke verffabriek in Amsterdam met de missie om de textielindustrie socialer en duurzamer te maken. Hier wordt geverfd met pigmenten op basis van planten en mineralen. Het is ook een sociaal productieatelier waar een opleidingstraject wordt aangeboden aan langdurig werkzoekenden en statushouders om hen te begeleiden naar betaald werk.

Lotje zegt dat er over het algemeen weinig mensen nadenken over kleur. "Geld en gemak weerhouden modegiganten van natuurlijke kleurmethodes, meestal blijft het bij een gelimiteerde collectie waarin grotere merken een eenmalig statement maken. We zijn gewend aan te goedkope spullen en daarom zien we duurzamere opties als 'duur'. Daarnaast zijn natuurlijke kleuren niet mainstream, ze zijn voor veel mensen onbekend." En dat terwijl de natuurlijke kleurstoffen mooie voordelen te bieden hebben, zegt Lotje. "Ze zien er mooi uit en de kleuren kunnen zoveel leven hebben! Het is duurzaam want alles komt uit de natuur en als de stoffen terug in de natuur zouden terechtkomen kan dat geen kwaad."

Het BORO*ATELIER maakt meestal 100 tot 300 kledingstukken per project. "Maar verven met natuurlijke stoffen kan zeker op grotere schaal als daar vraag naar is. Die vraag is er nu nog niet omdat mensen het niet goed kennen en misschien bang zijn dat de kleuren vervagen." De kleuren uit het atelier zijn vrij wasvast omdat de stoffen goed worden voorbehandeld en de recepten voor kleurbaden worden geoptimaliseerd. "Uiteindelijk veroudert de kleur maar dat hoeft niet erg te zijn, de kleur blijft aanwezig alleen wordt die lichter, meer richting pastel al hangt dat af van wat voor kleurstof er is gebruikt. Kleding geverfd met het pigment indigo bijvoorbeeld, blijft lang dezelfde kleur hebben.

Volgens Lotje zijn er veel variaties in kleuren en patronen mogelijk met natuurlijke verfstoffen. "Die vrijheid hebben we omdat we alles met de hand doen. We werken met tie-dye, dip-dye en zeefdrukken doen we met rijstpasta en natuurlijke inkt. We gebruiken een kleurbad van indigo en oud ijzer van verroeste spijkers voor een lila achtig grijze kleur. Met meekrap maken we oranje, rode en roze tinten, met reseda frisse gele kleuren. Je kunt deze kleuren ook bad, na bad combineren voor een gemengde kleur. Hoe de kleur er precies uit komt te zien hangt af van de voorbehandeling, zuurtegraad en hoelang je de kleur in het verfbad laat intrekken in het kledingstuk."

“Thuis kleding verven met planten"

Janne Roels behaalde haar master in collaborative and industrial design aan de Universiteit van Antwerpen met haar thesis 'TINTU', ze werkte ook een aantal maanden als student werkkracht bij COSH!, hier werd ze geconfronteerd met de vervuilende kant van de kledingindustrie.

TINTU is een kookapparaat waarmee je thuis kleurstoffen kunt maken voor inkt of kleding. "Met etensresten of planten kun je een concentraat maken om mee aan de slag te gaan, met dat concentraat kan je vervolgens een verfbad maken om kleding in te verven."

Janne wil mensen die graag ecologisch en creatief bezig zijn hiermee een makkelijk werkend product geven zodat ze met veel plezier aan de verf kunnen. "Er ging een wereld voor me open toen ik op Instagram veel mensen tegenkwam die recreatief bezig zijn met natuurlijke verf. Ik werd erdoor geïnspireerd omdat ik zag dat iedereen het verven op de 'ouderwetse manier' doet, met potten en pannen op het fornuis. Zelf heb ik het ook eens op die manier geprobeerd, ik maakte verf van avocadoschillen- en pitten. Dat was leuk, maar ik dacht: dat kan leuker met een leuker product."

Ze volgde in het coronajaar online cursussen over inkt maken, het verven van kleding en maken van motieven met natuurlijke verfstoffen. "Zo leerde ik dat je natuurlijke verf alleen kunt gebruiken op natuurlijke textielsoorten zoals katoen en wol en dat elk specifieke materiaal een ander kleurresultaat zal geven. Wol neemt bijvoorbeeld meer kleurstof op dan zijde of katoen." Tip van COSH!: Als je warm bent geworden voor natuurlijk verven en zelf aan de slag wil met vilt en plantaardige kleurstoffen, volg dan zeker een workshop bij Katrien Perquy in Brugge!

Janne ziet veel toekomst in natuurlijke verf voor de kledingindustrie. "Het is gezonder om te dragen op de huid en het is unieker. We zijn gewend aan constante kleuren maar als mensen openstaan voor het effect van natuurlijke verf, het natuurlijke veranderen en evolueren van de kleuren op hun kleding kan het groot worden. In principe breken natuurlijke verfstoffen langzaamaan af maar met de juiste kennis, toepassing en verzorging kunnen ze lang mooi blijven. Misschien kunnen we in de toekomst zelfs terug naar de winkel om onze kleren opnieuw te laten verven..."

Niki, de oprichtster van COSH! is blij dat oplossingen zoals TINTU in ontwikkeling zijn. “Als we met kleding leren omgaan die natuurlijk geverfd is, en de kleur vervaagt, zou het fijn zijn als er in elke community iemand is die met herkleuren aan de slag kan. TINTU kan daarbij een grote hulp zijn, en zal een veelgevraagde tool worden op PEERBY, een website waar je spullen kan lenen en huren van je buren.”

“Pakken geverfd met fantadopjes"

Lieke en Fenna studeerden afgelopen zomer af van de opleiding 'Fashion and textile technologies' aan de Hogeschool Saxion. Als afstudeerproject startten ze samen het merk Neena. De eerste collectie bestaat uit krachtige pakken in unieke kleuren en komt uit in de lente van 2022.

Lieke en Fenna willen enkel op ecologische- en ethisch verantwoorde wijze produceren. Fenna: “Tijdens de opleiding hebben we veel over duurzaamheid geleerd en we vinden dat dit het nieuwe normaal moet zijn. We hebben in het buitenland gezien hoe het er in de kledingindustrie aan toegaat en daar willen we niet aan meewerken.”

Via hun opleiding kwamen ze in contact met duurzame weverij ‘Enschede Textielstad’, van Annemieke Koster. Hier worden stoffen geweven met gerecyclede garen van ReBlend. ReBlend sorteert afgedankte kledingstukken op kleur en samenstelling en spint daar nieuwe garen van. Op die manier is er geen nieuwe kleurstof nodig om het garen te kleuren, de vezels behouden hun oude kleur. Met uitzondering van het gele garen, dat is geverfd met dopjes van Fanta-flesjes, de stukjes fantadopjes zijn gemengd met de textielvezels.

Lieke en Fenna gebruikten deze stof voor de prototypes van de pakken. “We vonden het idee van deze verfmethode heel gaaf”, zegt Lieke. “Alleen was het materiaal niet geschikt voor onze pakken. We merkten aan de prototypes dat ze snel begonnen te pillen en dat de stof dik was terwijl we zochten naar iets dat comfortabel is in zowel de winter als de zomer”, vertelt Fenna. Daarom hebben ze de Fanta-gele pakken moeten laten gaan. Ze houden de stof in hun achterhoofd voor volgende collecties.

“We maken de eerste collectie daarom van het materiaal Tencel, dat is een stof gemaakt van houtpulp. Het is een stof die mooi valt en goed bij ons ontwerp past. Daarnaast worden afvalstoffen van het verven hergebruikt en wordt er geen chloor gebruikt bij het maken van de Tencel-stof. Een goed duurzaam alternatief dus.”

“Met behulp van superkritische CO2 is je t-shirt geel in de zomer en blauw in de winter"

Hanne Schatteman is chemisch burgerlijk ingenieur en is bezig met het oprichten van haar eigen circulaire kledingmerk. Plan is om kleding te verven met behulp van superkritische CO2, dat is een fysische toestand tussen vloeibaar en gas in.

Hanne begon haar carrière bij een chemisch bedrijf maar wilde meer bezig zijn met duurzaamheid, daarom begint ze nu een circulair modemerk. “Het is tijd om meer technologie toe te passen in de modesector, het is frustrerend dat dit nog niet veel gebeurt.” Hoe de kleurmethode van Hanne precies werkt, zie je in het schema hiernaast. “In principe zou je je kleding op deze manier elk seizoen een andere kleur kunnen geven.”

Bij COSH! zijn we fan van dat idee. Op deze manier zou je langer van dezelfde kleren kunnen genieten en kunnen zorgen dat ze bij jouw stijl blijven passen. Het zou goed passen in de circulaire economie. Zou jij naar een centrum gaan waar je je kleren een andere kleur kunt laten verven als de oorspronkelijke kleur niet meer bevalt? Laat het ons weten!

Circulair wil zeggen dat elk onderdeel van de levensfase van een kledingstuk cyclisch is, zo blijven er geen grondstoffen onbenut, van het begin van de productie tot wanneer het kledingstuk zijn leven als t-shirt bijvoorbeeld achter de rug heeft. “Ik wil stedelijke hubs opzetten waar je kleding kunt kopen, laten repareren, herkleuren en uiteindelijk kunt inleveren zodat we ze kunnen recycleren.” Er komen met Hanne’s gekozen verfmethode geen giftige verfstoffen in de natuur terecht. “We vangen alle overtollige verfstoffen op, die kunnen we later opnieuw gebruiken.”

Ze wil verantwoordelijkheid nemen voor het gehele leven van de kledingstukken van haar toekomstige merk. “Mijn concept is dat je een geel t-shirt uit juni bijvoorbeeld blauw kunt laten verven wanneer je erop bent uitgekeken. Of dat je een lange mouwen aan een korte mouwen shirt als het koud wordt. Zo belandt een t-shirt nooit op de vuilnisbelt en als iemand het toch niet meer wil hebben, zullen we het recycleren. Dat is gemakkelijk te doen omdat ik de kleding zal maken van 100% gerecycled polyester, dat materiaal is telkens opnieuw te recycleren.”

Polyester (zowel ‘nieuw’ als gerecycled) is een synthetische stof die je niet met natuurlijke verf kunt kleuren omdat het die verf niet goed opneemt. Superkritische CO2 zou een onschadelijk alternatief kunnen zijn voor de manier waarop polyester nu geverfd wordt.

En nu? Hoe vind ik kleding zonder nare verfstoffen?

In onze maatschappij is fast-fashion niet meer weg te denken. Fast fashion, oftewel ‘snelle mode’ is mode die meestal snel inspeelt op trends en op een zo hoog mogelijk tempo aan lage prijzen geproduceerd wordt zodat het ook snel in de winkels komt te hangen en verkocht kan worden. Eenmaal gekocht gaat de fast fashion meestal ook snel de kledingkast weer uit omdat de kleding vaak van lage kwaliteit is en de trends snel voorbij gaan. Dat betekent ook dat kleuren het ene moment in de mode zijn en binnen de kortste keren weer uit de het straatbeeld verdwijnen. De felgroene Zara-broek die in de lente van 2021 door veel modebewuste mensen besteld werd, zien we in de lente van 2022 hoogstwaarschijnlijk niet terug.

Zonde van de chemicaliën die nodig zijn voor al deze kleuren en waarvan resten in natuurwaterstromen eindigen. Maar het kan anders. Door bewust te kiezen voor kleuren die goed bij je passen en die je lang mooi blijft vinden creëer je een kledingkast waar je lang mee kunt doen en dat is de meest duurzame optie, kleding dragen die je al hebt. Als er nu toch een kleurrijke trend voorbij komt waar je aan mee wil doen, kun je bijvoorbeeld eerst op zoek gaan in tweedehandswinkels, zo hoeven er geen nieuwe verfstoffen worden gebruikt voor je kleding en hoeven er niet meer rivieren te worden vervuild. Wat voor je lichamelijke gezondheid in ieder geval belangrijk is, is om nieuw gekochte kleding eerst te wassen voordat je ze draagt om te voorkomen dat schadelijke verfstoffen in je huid trekken.

Tijdens het shoppen kun je op zoek gaan naar kleding die een GOTS, OEKO-TEX of Bluesign label dragen, dit zijn keurmerken die chemicaliën en verfstoffen meenemen in de controle en beoordeling van producten. Het Global Organic Textile Standard (GOTS) garandeert daarnaast ook dat de textielvezels van biologische oorsprong zijn en de werkomstandigheden waarin de kleding gemaakt is, oké zijn. OEKO-TEX garandeert enkel dat er geen schadelijke stoffen in het eindproduct te vinden zijn. Met het Bluesign certificaat kun je zeker zijn dat er geen schadelijke stoffen gebruikt zijn bij de productie, natuurlijke hulpbronnen op een verantwoorde wijze worden beheerd, water-, luchtvervuiling en afvalwater worden beperkt voor een zo laag mogelijke ecologische voetafdruk en de veiligheid van betrokken werknemers en consumenten gegarandeerd worden.

Ook kun je op zoek gaan naar ongeverfde kleding, zo heeft het Nederlandse merk MUD Jeans ongeverfde lichtblauwe spijkerbroeken en broeken die geverfd zijn met natuurlijke verfstoffen. Een andere tip is om kleding te kopen die vanaf het garen t.e.m. afgewerkt product lokaal in Europa of Noord-Amerika gemaakt wordt omdat ze hier strenge regels handhaven op het gebied van chemicaliën. Hoewel zelfs het Belgisch Hobokens PFOS verhaal van 3M ons dergelijke stellingen in vraag doet stellen.

Ten laatste is het nog altijd nuttig om de materialen van kleding te bekijken als je in de winkel staat. Er zijn met de technieken die nu worden gebruikt in de grote modeindustrie namelijk altijd meer chemische kleurstoffen nodig om synthetische vezels zoals polyester te verven dan om natuurlijke- of cellulosevezels te verven. Kies bewust voor kleding van plantaardige materialen zoals Hennep, Linnen of (Bio)-katoen, bij voorkeur met GOTS-certificaat dat de biologische kwaliteit en duurzame en veilige textielkleurstoffen garandeert.