Nieuwjaarswensen van Niki De Schryver, founder van COSH!

Uit mijn nieuwjaarsbrief voor 2021 kopte Knack Weekend mijn quote “Minder Ego en meer échte verandering”. Een jaar waarin ik -al een beetje- meer zelf losliet en vooruit blikte. 2021 moest een jaar van verandering worden. Waar we na de lockdowns als herboren uitkwamen. Waar de modeïndustrie snel veranderde.

Flabbergasted in 2021: ups en downs

Ik nam waar dat Belgische modemerken goede stappen zetten om hun voetafdruk in te perken. Er zijn écht mooie evoluties op komst en ik kijk ernaar uit om ze met jullie te delen in 2022.

Maar waar de Belgen bescheiden blijven over hun duurzame beslissingen, pakken de retailreuzen juist uit met nóg meer greenwashing. Primark zaaide loze “duurzame” beloftes nadat ze maandenlang weigerden om het Banglaccord te ondertekenen voor de veiligheid van hun werknemers 🙄. H&M bracht een plastic collectie (aka ‘vegan’) op de markt die online quasi uitverkocht was terwijl de reclamecampagne nog meer volk naar de winkel en website bleef trekken.

Ook werden er reusachtige textielafvalbergen gevonden in Zuid-Amerika en Afrika. COSH! onderzocht dubieuze geldstromen van tweedehandsketens die in België verkopen en eerder geprijsd werden voor het verschaffen van werkgelegenheid in de circulaire economie. Terwijl de sortering van deze kleding niet eens in België gebeurt, laat staan in Europa.

Daarnaast veranderde Instagram zijn algoritmes. De Instagram-cultuur verbaast me elke dag. We -alle ondernemers- worden door de algoritmes gepushed om vrolijk danspasjes voor een camera te maken om bereik te krijgen. Waar is de persoonlijke verbinding met de klant, het verhaal van een item dat verteld kan worden, terwijl je de zachtheid van het kledingstuk voelt?

Ik vraag me regelmatig af of een dergelijk filmpje waarbij ik dans en met een wijsvinger uitleg over duurzame mode, nu echt het verschil kan maken. Mijn introversie schudt van nee en mijn extraverte kant wil er een karikatuur van maken.

Uiteindelijk doen we het de ‘COSH!’-way: onderbouwd onderzoek publiceren met onze kritische vragen. Dankzij de nieuwe ondersteuning in het team, hoop ik zelf weer meer activistisch te schrijven. Het is blijkbaar nog steeds broodnodig om wantoestanden in de modesector aan te klagen.

Black Friday schudt ons elk jaar opnieuw wakker over de kloof tussen zij in de duurzame bubbel en zij die (nog) volop overconsumeren. Ook hierover mocht ik mij uitspreken in Knack Weekend. Net als je dacht dat het iets beter ging, krijg je een stuntkorting in je mailbox van een bedrijf waarvan je je nooit op de nieuwsbrief inschreef, herkenbaar?

Ben ik optimistisch voor 2022? Mijn nieuwjaarswensen

Minder 'circuliars'

De term ‘circuliar’ werd in het leven geroepen door Marije de Roos, de Circular Fashion Detective, om merken aan te kaarten die liegen over hun circulariteit.

Er doken in 2020 onder meer schandalen met Nike op. De term ‘circulair’ wordt vaak ten onrechte gebruikt als er een gerecycled materiaal in een nieuw kledingstuk verwerkt is. Het gebruik van gerecycled polyester is op heden alles behalve circulair. Het recycleert wel een oude PET-fles, maar als je jouw gerecycleerde polyester of polyamide kledingstuk wast, komen er microplastics vrij en als je het in een textielcontainer afdankt, is de kans 60-95% dat het op een afvalberg aan de andere kant van de wereld terechtkomt.

Om écht circulair te zijn, moet een producent zelf instaan voor het ophalen en het opnieuw verwerken tot een nieuw kledingstuk. De eerste merken die ‘continue’ terugname beloofden, zien helaas nog maar weinig klanten die iets effectief terugsturen. Maar er zijn dit jaar wel tal van leuke inzamelacties gedaan. Bijvoorbeeld bij Woody, die oude kids pyjama’s inzamelde, degenen in goede staat aan een goed doel gaf voor hergebruik en van de gescheurde pyjama’s nieuwe haarbanden maakten. In 2022 zien we graag meer échte circulariteit, ook in de retailwereld a.u.b.!

Zullen Next Generation Materials de wereld echt redden?

We moeten opletten. Want hoe mooi ‘appel-leder’ en ‘cactus-leder’ ook klinken, we mogen niet vergeten dat deze nieuwe innovaties na gebruik niet meer gerecycled kunnen worden door hun mix met schadelijke polyurethaan en coatings. Ze dragen daardoor bij aan de afvalberg.

Bij het ontdekken van nieuwe materialen moeten we steeds kritisch kijken naar de impact op de samenleving, de impact van het materiaal en het gebruik van chemicaliën om deze te verwerken én de kans op recyclage na gebruik.

Ondanks de evoluties in textiel uit houtwinning, is het belangrijk een kritische blik te bewaren. Veel viscose materialen en hun afgeleiden, vergen ontzettend veel chemicaliën om van de houtvezel een zachte textielvezel te maken. Weegt de waterbesparing van de boom dan nog op tegen de grotere totale voetafdruk?

Wij namen één van de meest gepromote Next Gen materialen onder de loep. Met hulp van een Spaanse, ontdekten we dat lyocell gemaakt van ecalyptushout uit Europa, het brandgevaar in deze streek ontzettend verhoogt. En dat Tencel van het Oostenrijkse bedrijf Lenzing, het op dat vlak wel beter doet, maar onlangs een groot stuk land kocht in Brazilië. Gelukkig zijn er ook voor deze nieuwe wood-based textielvezels nog innovatievere alternatieven onderweg.

Kies voor monomaterialen

Om tot circulaire mode te komen, moeten we zoveel mogelijk met monomaterialen werken. Dat wil zeggen dat kledingstukken geheel uit één materiaal moeten bestaan. Zo kan het gemakkelijker gerecycled worden na gebruik.

Gerecycled wol (Loop.a life, Rifo) en gerecycled katoen (Mud jeans, Kings of Indigo) komen steeds meer voor en hebben onze absolute voorkeur. Als we materialen die microplastics vrijlaten vermijden, blijven enkel de natuurlijke materialen over. Wol, leder, katoen, linnen en hennep.

Willen we ook dierenleed vermijden, dan blijven katoen, linnen en hennep over. Hennep voor textiel komt momenteel voornamelijk uit China of Roemenië. Katoen uit Amerika, Uzbekistan, Turkije, Griekenland, Bangladesh of China. De biologische of GOTS-gecertificeerde variant zorgt ervoor dat de boeren en verwerkers correct behandeld en verloond worden.

Meer circulaire starters in bestaande retail

We berekenden voor Daily Menu dat het maken van een kledingstuk uit bestaande kleding of afvalstoffen, 94% CO2 bespaart. Als duurzame retail koplopers willen blijven is het van belang om deels van hun bestaand halfjaarlijks inkoopbeleid af te stappen en ook bij circulaire starters aan te kopen die produceren op de vraag van het moment.

We zijn dan ook ontzettend trots dat Supergoods in Gent, kleding van de Belgische ontwerpster Studio Ama inkocht. Dat Tenue Preferée in Leuven, Kstmized een plaatsje gaf in de winkel. En dat Ma Reine et Moi in Heverlee, tal van duurzame merken zoals REinvented opnam. Leuke Amsterdamse boetieks zoals The Collection One integreren hun tijdloze collecties naadloos met handpicked 2de hands items.

Stap je de volgende shops binnen, dan waan je je in een boetiek en shop je tweedehands, zonder dat je het zelf doorhebt. Ideaal als je tweedehands voor het eerst uitprobeert: Scharrelvos Berchem, Closet Stories Gent, Cirkels in Mechelen, Dressing Circles Antwerpen-Centrum, Circuit in Antwerpen-Zuid, Streisant in Hasselt en Finn&Julia in Kalmthout.

Sustainable fashion shoppen is eigenlijk écht niet moeilijk:

  1. Koop je nieuw? Opteer dan voor 100% biokatoen, 100% biolinnen of 100% biohennep

  2. Shop je circulaire ge-upcyclede mode? Dan bespaar je automatisch 94% CO2

  3. Ga je 2de hands shoppen bij een winkel waar je zelf kleding kunt binnenbrengen en het lokaal doorverkocht wordt? Dan heb je een 100% CO2 win!

Meer tips voor je goede voornemens vind je hier.

Gehuurd én duurzaam